PLEZIER EN PRESTATIE

Hoe wordt Traiectum de ideale sportcampus? We spraken erover met Nederlands kampioen speerwerpen Jurriaan Wouters, tophockeyer Malou Pheninckx en profvoetballer Mark van der Maarel. Alle drie begonnen ze hun sportcarrière met het belangrijkste ingrediënt: plezier. Nu spelen ze op het hoogste niveau. Wat hadden ze nodig op hun weg naar de top?

De eerste club

‘Ik heb echt plezier gehad op de club waar ik begon met hockey, vertelt Malou Pheninckx, ‘veel dollen op de trainingen, gezellige zaterdagen’. Voor Mark van der Maarel is dat hetzelfde. Hij doorliep in zijn jeugd geen professionele voetbalopleiding, maar fietste met zijn vrienden naar de training en at op zaterdag na de wedstrijd een patatje. ‘Ik ben blij dat ik dat heb meegemaakt, maar het is niet vanzelfsprekend’. Jurriaan Wouters ontdekte op relatief late leeftijd dat hij een atletiektalent was. In zijn laatste jaar als junior deed hij mee met een jeugdtoernooi. Daar veranderde er iets in zijn zelfbeeld. ‘Ik realiseerde me dat ik goed was en echt iets zou kunnen bereiken’.

De belangrijkste coach

Internationaal is speerwerpen een grote sport, maar in Nederland niet zo. Voor Jurriaan Wouters was het daarom een extra geluk dat hij de beste speerwerptrainers van Nederland trof: Elliott Thijssen en Kees Betlem. ‘Hun enthousiasme en expertise waren voor mij essentieel’. Voor Mark van der Maarel is de belangrijkste coach degene die de juiste balans tussen plezier en prestatie weet te vinden. In een topsportorganisatie verdwijnt ‘plezier’ soms naar de achtergrond, maar het is volgens hem enorm belangrijk voor de teamdynamiek. ‘Je bent ooit gaan voetballen omdat je het leuk vindt’. Malou herkent de verschuiving van plezier naar prestatie. ‘In mijn jeugdjaren was de afstand tot de trainer kleiner, je ging wat gemoedelijker met elkaar om.’ Van haar topsportcoaches leert Malou veel, maar op andere manieren. Het draait om de prestatie en het winnen – en uiteindelijk levert dat ook plezier op.

De ideale sportcampus

De topsporters zijn regelmatig te vinden in een krachthonk. Mark van der Maarel en Malou Pheninckx trainen met een gps-tracker die allerlei data over hun lichamelijke conditie geeft. ‘Soms word je gek van al die data’, vertelt Malou, ‘maar aan de andere kant is het fijn om te weten dat je er goed voorstaat en de oefeningen aankunt’. Om op schema te blijven, is het belangrijk dat er genoeg faciliteiten zijn op Sportcampus Traiectum. Je wilt voorkomen dat een krachthonk vol zit of dat een team zich nooit kan afzonderen in een eigen ruimte. Ook zien de topsporters graag een restaurant waar je andere topsporters kunt ontmoeten en gezond voedsel kunt bestellen. ‘Het motiveert om andere sporters te zien en spreken’, vindt Malou. Verder is het na een intensieve training belangrijk om te kunnen ontspannen. Liever geen houten bankjes, maar relaxte stoelen of zelfs een hotel met eigen kamer.

Meer inspiratiesessies

Het is waardevol om in gesprek te gaan met deze topsporters over Sportcampus Traiectum. Jurriaan Wouters, Mark van der Maarel en Malou Pheninckx hebben ieder hun eigen expertise, maar op veel vlakken ook vergelijkbare behoeften. Sportcampus Traiectum wil voorzien in die behoeften. In een volgende inspiratiesessie zullen we het hebben over onderwijs en sport. Hoe kunnen we talenten de beste opleiding bieden op Sportcampus Traiectum?